meteen contact

Advocatenkantoor Gijsen

Verdachte in een strafzaak?

Bent u verdachte in een strafzaak? Verhoord door de politie? Of hebt u een dagvaarding ontvangen om voor de rechter te verschijnen? Het is sowieso van belang dat u zich goed laat voorlichten door een advocaat. Neem dus hier meteen contact op.

Direct contact / Lees hier ons blog / Like ons op Facebook

Politie-onderzoek 

Soms weet de verdachte niet dat hij verdachte is en loopt er al een onderzoek. In omvangrijke fraudezaken is dat vaak het geval. Ook kunnen er allerhande bijzondere opsporingsmethoden worden ingezet zoals telefoontaps en internettaps, stelselmatige observatie etcetera. Vooral voor ondernemers kan dit grote gevolgen hebben voor de continuïteit van het bedrijf. Hetzelfde geldt voor frauderende werknemers.

Een strafbaar feit of aangifte daarvan is aanleiding voor een politie-onderzoek onder leiding van de officier van justitie. Tactisch en technisch onderzoek resulteert, in omvangrijke zaken vaak pas na meer dan een jaar, in een eindproces-verbaal, dat wordt toegezonden aan de officier van justitie. 

Voorlopige hechtenis

Als er naar aanleiding van het onderzoek een of meer verdachten in beeld komen, waartegen een redelijk vermoeden van schuld bestaat (artikel 27 Wetboek van Strafvordering) kunnen deze (buiten heterdaad) worden aangehouden met toestemming van de officier van justitie. Als er voldoende ernstige bezwaren zijn en er redenen zijn om de verdachte langer vast te houden, wordt deze achtereenvolgens in verzekering, maximaal 3 dagen en in bewaring, maximaal 14 dagen, gesteld en vervolgens gevangen genomen, maximaal 90 dagen.

Beslissing over vervolging

De officier van justitie neemt, vaak voorbereid door de parketsecretaris, een beslissing of er verder wordt vervolgd of niet. Als dat het geval is wordt de verdachte gedagvaard om voor de rechter te verschijnen.

Politierechter of Meervoudige Strafkamer

Moet de verdachte voorkomen, dan is dat ofwel bij kantonrechter of politierechter, die in de regel ook meteen vonnis wijst na de zitting, of de meervoudige strafkamer. Dit zijn 3 rechters, die 14 dagen na de zitting vonnis wijzen. 

Overigens kan er voorafgaande aan en tijdens de zitting nog allerhande onderzoek worden gevraagd om het door het Openbaar Ministerie aangeleverde dossier te toetsen of de onschuld te bewijzen.  

Proceshouding, zwijgrecht

Het recht om te zwijgen is een elementair recht van de verdachte en vloeit voort uit artikel 29 Wetboek van Strafvordering. De verdachte hoeft namelijk in principe niet mee te werken aan zijn veroordeling. Dit geldt vanaf het eerste verhoor tot aan het einde van de zaak.

Het bepalen van de juiste proceshouding (zwijgen of niet?) is een complexe aangelegenheid. Het niet verklaren over zaken die om een verklaring vragen kan onder omstandigheden als bewijs tegen de verdachte worden gebruikt. Een strategische keuze dus, die in continue overleg met ons wordt bepaald en zonodig wordt bijgesteld.

Getuigen in een strafzaak

Het onderscheid tussen getuige en verdachte in een strafzaak is niet altijd duidelijk. Verdachten kunnen tegen andere verdachten als getuigen optreden. Een goed voorbeeld daarvan is de kroongetuige. Daarmee worden in de regel bijzondere afspraken gemaakt over de eis van het Openbaar Ministerie op zitting en eventueel zelfs over het leven na de strafzaak.

(Normale) getuigen kunnen in de loop van het onderzoek als verdachte worden aangemerkt. De getuige die door het afleggen van een verklaring zichzelf kan belasten heeft een verschoningsrecht.

Ontnemingsvordering

Als er ondernemingsbelangen betrokken zijn levert een ontnemingsvordering grote problemen op. Denk aan liquiditeitsproblemen als gevolg van bankbeslagen, onroerend goed dat niet verkoopbaar is, dat banken leningen en kredieten opzeggen en klanten en relaties die het vertrouwen opzeggen. Berichtgeving in de media speelt een belangrijke en vaak desastreuze rol. Een snelle en adequate aanpak is dus van meet af aan vereist.

De ontnemingsvordering kent allerlei benamingen: voordeelsontneming, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, plukze-vordering etc. 

Het is een aparte procedure waarin het door de veroordeelde behaalde voordeel uit de strafbare feiten kan worden ontnomen. De procedure verloopt vaak parallel aan de strafzaak, maar begint vaak ook pas nadat de strafzaak is afgehandeld. 

De criteria waaraan wordt getoetst zijn in de loop van de afgelopen decennia geënt op het civiele recht, evenals de bewijslastverdeling. De verdachte dient veelal aannemelijk te maken dat het vermogen dat hij bezit niet afkomstig is van legale inkomsten. Het te ontnemen bedrag wordt ofwel op concrete basis (transactiebasis) of op abstracte basis (eenvoudige kasopstelling) geschat en vastgesteld.

Er heeft een ontkoppeling plaatsgevonden tussen de concrete feiten waarvoor de verdachte terechtstaat en de feiten waarvoor wordt ontnomen. De "een op een"-redenering gaat niet meer op. De zogeheten Geerings-rechtspraak leert ons dat de onschuldpresumptie in het ontnemingsrecht nog slechts beperkte waarde heeft.

Benadeelde partij

Tot slot speelt ook de benadeelde partij een rol in het strafrecht. Alleen als de vordering een onevenredige belasting van het strafproces met zich brengt, zal de strafrechter de vordering niet-ontvankelijk verklaren. In de praktijk blijkt dat de ingediende vordering wel goed onderbouwd moet zijn en voorzien van stukken. 

Vragen? Neem contact met ons op!